Maak kennis met de familie Van der Torus

Maak kennis met de familie Van der Torus

Een wiskundIge doet de AfWas - 1

Voor een wiskundige kunnen er nooit genoeg problemen zijn. Gelukkig biedt het dagelijkse leven voldoende vraagstukken die om een oplossing vragen. Aan de hand van de familie Van der Torus nemen we er de komende tijd een paar onder de loep.

     
   De familie Van der Torus is een heel normale, gemiddelde familie. Voor zover een
familie van wiskundigen normaal kan zijn. Dit gemiddelde gezin bestaat uit
twee ouders Pi en Phi (spreek uit als 'Fie'), en twee kinderen Milli en Micro.
Verder weten we er niet heel veel van, want zo'n gemiddeld gezin is natuurlijk een
abstractie. In het dagelijks leven lopen zij tegen van alles aan waar een niet-wiskundige
misschien niet eens bij stil zou staan. Zelfs de kinderen vertonen al trekjes van
wiskundigen. Zo zal Micro een of-vraag, zoals, "Wil je pindakaas of chocoladepasta
op je brood?" prompt met "Ja" beantwoorden als een van beide opties inderdaad
waar is. Een wiskundige denkt nou eenmaal iets anders na. Maar gelukkig helpt dat
hen ook om de dagelijkse problemen op te lossen, door er goed over na te denken.
Elke aflevering komt zo'n dagelijks probleem aan de orde, maar zonder oplossing.
Die komt pas bij de volgende aflevering. Kom je zelf uit een wiskundig gezin of ben
je een (mogelijk toekomstige) wiskundige, dan kun je je ervaringen, vragen en
ideeën delen met de familie Van der Torus via email naar [email protected].
  
     

"Pi! Waar is mijn broodtrommel?" vraagt Milli gehaast, een boterham half uit de mond hangend. 

"In het linker keukenkastje." Pi trekt het deurtje open en wijst naar de groene broodtrommel in kwestie. Precies waar de broodtrommel altijd staat.

Milli heeft geen tijd om schuldig te kijken en gooit snel een paar boterhammen in de broodtrommel om deze vervolgens in een schooltas te proppen. 

"Heb je je gymschoenen, Micro?" vraagt Phi op de gang aan de jongste Van der Torus. 

Twee witte gympen schieten de lucht in.
"Hier!"

"Fijn. Milli! Denk je aan je passer?" Phi geeft een doosje aan Milli. Ook dit verdwijnt in de rugzak.

De eerste schooldag is bij de familie Van der Torus altijd chaotisch en dit jaar is dat niet anders. Als de kinderen hun ontbijt op hebben, zwaaien Pi en Phi hen uit. Hoewel ze best graag de kinderen naar school zouden brengen op hun eerste schooldag, stonden Milli en Micro erop dat ze oud genoeg waren om alleen naar school te gaan. Pi en Phi moesten hen wel gelijk geven. En eigenlijk is het ook wel fijn om even tijd te hebben om rustig hun eigen tassen in te pakken  voordat ze naar het werk wandelen. 

"Neem jij een paraplu mee vandaag, Pi?" vraagt Phi, uit het raam kijkend naar het weer in een poging in te schatten of het vanmiddag na het werk ook nog droog zal zijn. 

  

Probleem

Als je te voet naar het werk gaat en het regent, dan ligt
het voor de hand om een paraplu mee te nemen. En op
de weg terug, neem je die paraplu weer mee naar huis,
of het nou regent of niet. Maar als het 's ochtends niet
regent moet je een afweging maken. Wel een paraplu
meenemen, en die niet gebruiken (op de heenweg),
en er mogelijk ook weer ongebruikt mee terugwandelen.
Of niet meenemen, en dan de pech hebben zonder
paraplu door de regen terug te moeten. Hoe kun je
het aantal keren dat je met een paraplu wandelt zonder
hem te gebruiken minimaliseren, maar er toch zeker van
zijn dat je een paraplu bij de hand hebt als die nodig is?

  

Bij het oplossen van dit soort dagelijkse problemen (die in de hoofden van wiskundigen wat vaker ontstaan dan bij anderen) zijn geen grenzen. Je mag 'out of the box' denken. Maar je moet wel je aannames expliciet maken. Bijvoorbeeld, nooit een paraplu meenemen, omdat je 'aanneemt' dat het nooit regent, of het niet erg vindt om in de regen te lopen. Je kan natuurlijk altijd een paraplu meenemen, en het niet erg vinden dat die ongebruikt blijft (en dat mensen je wat vreemd nakijken als het schitterend weer is). Maar stel je wilt inderdaad niet (te vaak) nodeloos met je paraplu over straat, maar er wel een bij de hand hebben als het regent. Hoe pak je dat aan? En is je oplossing ook bruikbaar voor vergelijkbare problemen? Pi en Phi hebben hun eigen aanpak. Die lees je bij [Bekijk oplossing].

 

Maak kennis met de familie Van der Torus
De volle vaatwasser (Pythagoras 61-2)
Hergebruikte handdoek (Pythagoras 61-3)
Juiste yoghurthoeveelheid (Pythagoras 61-4)
Handige halve bananenplakjes (Pythagoras 61-5)
Probaat poetsen (Pythagoras 61-6)
Telkens maar tellen (Pythagoras 62-1)
Fiets foetsie (Pythagoras 62-2)
Veters vast (Pythagoras 62-3)
Vaatwasser vullen (Pythagoras 62-4)
Vaatwasser verder vullen (Pythagoras 62-5)
Vakantie-vaatwasservierkant (Pythagoras 62-6)

 

Bekijk oplossing